
Het kabinet heeft op 10 juli jl. op basis van het advies van de stuurgroep Ruimte voor de Rivier 2.0, waarvan ook Deltaprogramma Maas deel uitmaakt, een besluit genomen over maatregelen om de rivierbodem van Rijn en Maas te herstellen en te stabiliseren. Voor de Gemeenschappelijke Maas (het Maastraject van Eijsden tot Wessem) is het doel een stabiele, beheerbare rivierbodemligging te realiseren.
Dit besluit wordt eind 2026 geborgd in het Nationaal Water Programma (NWP) 2028 – 2033, waarvan het ontwerp eind 2026 aan de Tweede Kamer wordt aangeboden. Na het vastleggen van de besluiten in het (ontwerp) NWP gaat het Programma Ruimte voor de Rivier 2.0 aan de slag met het voorbereiden van de uitvoering van de besluiten. Daarnaast is voor de hele Maas besloten dat gebaggerd sediment niet meer uit de rivier gehaald wordt, maar wordt teruggestort op de rivierbodem. Zo creëren we een duurzame sedimenthuishouding en beperken we rivierbodemdaling op de Maas.
Inzoomen op de rivierbodem van de Maas
Op de Maas is de meest urgente bodemopgave het aanpakken van het erosiekuilentraject van de Gemeenschappelijke Maas. Bij het hoogwater in 2021 zijn daar door de kracht van het hoge water erosiekuilen ontstaan tot wel 16 meter diep. Deze zijn inmiddels opgevuld maar bij elk volgend hoogwater kunnen in de huidige situatie nieuwe erosiekuilen ontstaan. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld kabels en leidingen bloot komen te liggen. Een ander reëel gevaar is dat keringen, oevers en andere kunstwerken verzwakt kunnen raken. Naast de urgente aanpak van de diepe kuilen is ook vervolgonderzoek gestart naar de bodemopbouw en het morfologisch functioneren van de Maas op de lange termijn. Ook wordt een gebiedsuitwerking Gemeenschappelijke Maas gestart waarin wordt verkend hoe met rivierverruiming de erosieve kracht van het water in de rivier kan worden verminderd. Omdat dit deel van de Maas de grens met Vlaanderen vormt, worden de maatregelen in samenwerking met Vlaanderen verder uitgewerkt.
Saskia Boelema, voorzitter stuurgroep Deltaprogramma Maas “Het besluit over de rivierbodem zien de leden van de Stuurgroep Deltaprogramma Maas als noodzakelijke stap richting herstel van de natuurlijke rivierdynamiek van de Maas en om een veilige afvoer van hoogwater voor de toekomst te blijven garanderen. Voor de korte termijn is het belangrijk om de schade die bij het extreme hoogwater in 2021 is ontstaan aan de vitale infrastructuur te herstellen. Denk hierbij aan de bedekking van de fundering van bruggenhoofden en kabels en leidingen in de rivierbodem. Ook is het belangrijk dat we geen verdere schade laten ontstaan op dit vlak langs de Maas.”


