Deze website bevat het nieuws(archief) van Deltaprogramma Maas en de mogelijkheid je in te schrijven voor de Maasinformatiebrief. Meer weten over het Deltaprogramma Maas?

Hoogwatervluchtplaatsen voor bevers

Een oplossing voor een groeiend probleem

Ronald Wolters over het STOWA-project en de uitdagingen voor waterbeheerders
Door rivierverruimende maatregelen zijn de afgelopen decennia veel natuurlijke verhogingen in uiterwaarden verdwenen. Dit gebeurde in een periode waarin er nog weinig bevers waren. Inmiddels zijn vrijwel alle oevers en nevengeulen van de grote rivieren door bevers bewoond. Als dat voldoende ver van de dijk is dan kunnen ze weinig kwaad, maar bij hoogwater, als hun oeverholen en burchten overstromen moeten ze op zoek naar een droge plek—bij gebrek aan beter is dat helaas vaak de dijk. Wanneer ze daarin een tijdelijk hol graven, net onder de waterlijn en niet zichtbaar bij inspecties, brengt dat grote risico’s met zich mee voor de waterveiligheid.

Ronald Wolters, projectleider van het STOWA-project (Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer), dat zich richt op het ontwikkelen van hoogwatervluchtplaatsen (HVP’s) voor bevers, vertelt: “We hebben er een groot probleem bijgekregen. De bevers trekken bij een serieus hoogwater naar de dijken, waar ze vooral bij gure weersomstandigheden vluchtholen in graven. Dit verzwakt de waterkering en kan zelfs leiden tot het falen van de dijk.”

Een innovatieve aanpak
Om dit probleem aan te pakken, is binnen STOWA een project gestart dat net is afgerond. Het resulteerde in een praktische handleiding voor waterbeheerders, waarin oplossingen worden geboden om veilige schuilplekken voor bevers te creëren en tegelijkertijd de dijken te beschermen. Daarnaast zijn er twee drijvende HVP’s gebouwd.  Ronald legt uit: “We hebben dit voorjaar de eerste drijvende hoogwatervluchtplaats voor bevers ter wereld (voor zover bekend) geplaatst. Een drijvend huisje dat plaats biedt aan een familie van zes bevers. Dit biedt een droge en veilige plek tijdens hoogwater, waardoor de bevers niet naar de dijken hoeven te trekken.” Deze innovatieve oplossing heeft de afgelopen maanden veel aandacht gekregen en is breed in het nieuws geweest. Binnen twee weken na aanleg wisten nieuwsgierige bevers het drijvende huisje al te vinden, getuigen beelden op in het huisje geplaatste wildcamera’s. 

Uitdagingen en toekomstperspectief
Ondanks deze ontwikkelingen blijft het een complexe kwestie. Rijkswaterstaat financiert het project mede, maar voert tegelijkertijd rivierverruimende maatregelen en de aanleg van nevengeulen door, zonder hierbij standaard HVP’s aan te leggen. Hierdoor groeit de beverhabitat terwijl de droge schuilplaatsen afnemen, wat op termijn grotere risico’s voor de waterveiligheid en extra uitdagingen voor de waterschappen betekent. Ronald: “Ook bij de waterschappen zelf wordt bij dijkversterkingsprojecten niet aan hoogwatervluchtplaatsen gedacht of vallen ze ‘buiten de scope’. We moeten voorkomen dat het probleem zich verplaatst. Als we de uitbreiding van beverhabitat niet combineren met maatregelen zoals HVP’s, zullen de risico’s alleen maar toenemen. Het is daarom belangrijk dat dit onderwerp structureel op de agenda komt.”

Overige berichten